Tot de vierde klas van de lagere school zat ik op een hele traditionele jongensschool. Er werd lesgegeven op de ouderwetse manier met tafels in rijen en helemaal klassikaal. De laatste twee jaar van de lagere school bracht ik door op een modernere school. Waar in groepjes werd gewerkt aan projecten en waar ook buitenschools van alles werd gedaan. Zo was er een leraar die fotografie als hobby had en die het leuk vond kinderen te leren om zelf films te ontwikkelen en met de negatieven afdrukken te maken in een donkere kamer.

De eerste dag van de cursus rijdt de leraar (Paul van Tongeren) met ons naar het vervallen vestingstadje Heusden. We werden daar losgelaten met onze camera’s en mochten een uur vrij fotograferen. Daarna reden we naar het huis met de donkere kamer. Al onze filmpjes werden ontwikkeld en iedereen maakte een afdruk van zijn meest geslaagde opname. Ik had een foto gemaakt van een vervallen molen waar net een tractor voorbij reed.

Het negatief werd in een soort van verticale projector gedaan, een vergrotingskoker. Die projecteerde het negatieve beeld op een stuk lichtgevoelig papier. Na de belichting moest het vel papier in een bak met ontwikkelvloeistof. Toen zag ik voor het eerst een foto langzaam opkomen in de bak met ontwikkelvloeistof. Het was echt een soort van toveren. De eerste keer was hij wat te licht. Door de belichtingstijd te verdubbelen werd de foto twee keer zo donker. Perfect! Mijn eigen foto's, ontwikkeld en afgedrukt. Ik was apetrots. Het maken van een tastbare herinnering werd iets dat ik zou blijven doen maar de aandacht verwaterde wel wat tijdens de pubertijd.

Geen
Jan van de Laar
1974
Zeiss Ikon Vitessa 126
Instamatic